Bewustzijn

 
                                                                                                                            
             Gifted Children (On)verbondenheid
 
      

Mensen zijn sociale wezens die zonder verbindingen met anderen niet kunnen gedijen. Ons bestaan begon voor ons allen op een uniforme wijze, met een nagenoeg perfecte verbinding in de moederschoot. Ons lichaam mocht er in alle veiligheid uitgroeien -  van een bevrucht zaadje tot een compleet mens(je) - zonder veel verstoringen van buitenaf. Tot op een zekere dag er een onvermijdelijke verbreking van deze comfortabele verbinding kwam. Onze komst op aarde betekende tevens het begin van een spannende en onvoorspelbare periode.

Geestelijk gezien heeft dit universele groeiproces een verborgen zijde. Het wordt gestuurd door een hoger Bewustzijn, een scheppende levenskracht die zich aan ons openbaart als een voortgaande Beweging (bomen groeien, planten groeien). Deze eeuwige Levensbron - ook wel God genoemd - is de verbindende geestelijke energie die zowel onze fysieke groei voortstuwt als ons innerlijk (centrum) bezielt. Uit deze Bron vloeit een hogere wijsheid voort die - middels ons geweten - als hét morele kompas via onze intuďtie tot ons ‘spreekt’.  

"Wie oren heeft om te horen, die hore”- zei Jezus destijds, en het is nog steeds zeer actueel. Men dient er echter ontvankelijk voor te zijn, een spirituele ‘antenne’ te ontwikkelen om die  Stem onder de vele ‘stoorzenders’ te herkennen. Menigeen loopt de mist in, dwalend in het donker, op zoek naar het Licht die de weg naar het ware Noorden zou wijzen. Want de mens ervaart zichzelf dikwijls als iets dat gescheiden is van de rest; los van de universele Geest (God), de geestelijke wereld en het universeel Bewustzijn.

'Wie zich ernstig bezighoudt met het streven naar kennis, raakt ervan overtuigd dat zich in de wetten van het universum een Geest manifesteert die verre superieur is aan die van de mens en in het aangezicht daarvan wij, met onze beperkte vermogens, ons nederig voelen' [Albert Einstein]

 

                                                                                             Afbeelding invoegen

 

Hechting                                                                                                                                                                                                                [fragmenten]

In tegenstelling tot de perfecte integratie in de moederschot, gekenmerkt door harmonie, rust, warmte en veiligheid, is het erbuiten koud, luidruchtig en angstaanjagend. Huilen is dan een natuurlijke reactie op die barre omslag, de enige waar een mensenkind toe in staat is (...)   Om zich te kunnen ontwikkelen tot een gezonde volwassene is een veilige hechting van groot belang. Een kind dat niet gezien wordt, dat vaak spanning, minachting en onverschilligheid ervaart, wordt een bodemloos kind dat (later) een knagende leegte voelt en naar (h)erkenning hunkert.

Hechtingstijlen zijn globaal in te delen als veilig en onveilig. Volgens de Britse psychiater John Bolwby, grondlegger van de hechtingstheorie, is maar slechts 58% van de normale populatie veilig gehecht, De rest, ruim 40% is kwetsbaar en (later) vatbaar voor psychische klachten. (...)      De omgang van de opvoeder(s) met het kind bepaalt of er een veilige relatie ontstaat. Via de woorden zenden de opvoeders allerlei boodschappen uit – waardeoordelen - die het zelfbeeld en eigenwaarde van het kind beďnvloeden. Woorden zijn krachten die zich in het geestelijk lichaam (bewustzijn) van het kind nestelen en daar vanuit het gevoel, gemoed en wilskracht duurzaam beďnvloeden. Zo kunnen depressieve gevoelens al heel vroeg te zijn ontstaan en heel diep te zijn geworteld. 

Gaandeweg kan de opgebouwde hechting verstoord raken , door een heftige gebeurtenis of een proces. Het overlevingsmechanisme zorgt voor de ‘bevriezing’ van emoties (...). Deze bagage blijft in het zenuwstelsel zitten en verricht schade aan lichaam en geest. Het is vaak moeilijk om jaren later erbij te komen en zich van dit soort mechanismen bewust te worden. Wanneer er gelegenheid is om het alsnog te verwerken, hoeft het trauma geen blijvende gevolgen te hebben. De persoon (of kind) raakt weer geďntegreerd. Wanneer het niet lukt,  kan er sprake zijn van een langdurige afsluiting van emoties (...). Hechting is beďnvloedbaar en kan met een goede begeleiding hersteld worden, al lukt het niet altijd.

(Des)integratie

Elk kind maakt vroeg of laat situaties mee die schokkend, pijnlijk en angstaanjagend zijn. De behoefte aan houvast is dan groot, met name aan troost en het basale gevoel van veiligheid (wel/niet opgebouwd in de jeugd). Een kind is zich niet bewust van het waarom van het menselijk handelen. De opvoeders en de heersende cultuur hebben dus alle macht in handen, een macht die vaak misbruikt wordt. Soms uit onmacht (emotiedrift) en soms vanuit allerlei ‘goede’ bedoelingen (onwetendheid). Het kind weet niet anders dan dat alles maar te ondergaan, en ervaart de thuissituatie als normaal. Pas als het in contact komt met de buitenwereld, ontdekt dat het ‘normale’ ook anders kan. 

Globaal genomen zijn opvoeding en opleiding onderling verbonden als voorspellers van een sociaal zinvol leven. Lager opgeleide ouders hebben per definitie minder (pedagogische en psychologische) inzichten en minder vaardigheden om hun kinderen krachtig te begeleiden. Veel van hen waren als kind zelf mishandeld en zij beseffen niet hoe schadelijk het is om die geërfde patronen te ‘kopiëren’. Kinderen wier grenzen niet gerespecteerd worden, zijn zich niet bewust van hun kracht en kwaliteiten, hebben te weinig zelfvertrouwen en kunnen zich niet (zonder steun) ontplooien. Vaak dragen ze een onverwerkt verleden met zich mee, vertonen non-assertief (of agressief) gedrag en belanden in een problematisch perspectief. Onbewust creëren zij situaties in hun leven waarin zij bepaalde patronen in stand houden.          

Voor een empathische samenleving is het belangrijk dat diverse bevolkingsgroepen meer van elkaar te weten komen, met name dat de ‘winnaars’ oog krijgen voor de ‘verliezers’. Wat voor geestelijk erfgoed hen toeviel en welke (ongezonde) overtuigingen zij ingeprent kregen, tegen wil en dank. En hoe het is om je talenten niet kunnen benutten omdat je (innerlijk) een pijnlijke strijd te voeren hebt en er keer op keer in vastloopt. Enig inzicht daarin zou vast kunnen helpen om de cliché oordelen – zoals ‘eigen schuld dikke bult’ of  ‘ze hadden langer moeten doorleren en zich meer offers moeten getroosten’ – te laten varen.

Compassie voor beginners zou het kunnen heten. Want liefde en mededogen zijn niet instant te krijgen in de samenleving, het is een groeiproces. Evenals minachting niet snel omgezet kan worden in waardering, begrip en sympathie voor de ‘lower class’. Maar elke stap voorwaarts brengt ons dichterbij op weg naar meer beschaving en minder sociale spanningen. De samenleving wint dan aan kracht. 

 
                                                                                          
                                                                                                                Gifted Children