Normen & waarden


               De krachten die onze cultuur vormen laten veel (jonge) mensen achter met het gevoel dat ze niet
              uniek zijn en minder waarde hebben dan 'de winnaars'. Veel sensitieve en begaafde mensen leven in de schaduw
              waarbij zij slechts een deel van hun kwaliteiten kennen (en gebruiken). Een belangrijk deel van hun potentieel blijft
              onbenut. Ten gevolge van de maatschappelijke prestatiedwang zijn veel sensitieve en (hoog) begaafde personen
              afgekeurd of verrichten onbevredigend werk. Mede door onvoldoende (h)erkenning en ontplooiingskansen, keren
              zij zich tenslotte van de maatschappij af en/of worstelen met de psychische problematiek.

  
                                                                           Normen en waarden - geluk of lijden
 
              Norm 
  
              De prestatienorm regeert. Je bent beoordeeld op wat je presteert. Je móet voldoen en zo niet dan wordt je ziek 
              (afgekeurd). Het willen voldoen aan de verwachtingen van anderen zet ons onder druk en maakt dat we innerlijk 
              verdeeld raken. Veel mensen worstelen met zelfacceptatie en een gevoel van minder waard zijn. De dwang tot
              succes en geluk werkt verlies van zelfbesef in de hand [wie ben ik ?]. Er ontstaat een samenleving van winnaars,
              verliezers, boven- en onderklasse, met (onderaan) veel verborgen potentieel dat niet benut wordt.
 
              De standaard(norm) scoort. Door onwetendheid, clichés, misvattingen en halve waarheden. Eenzijdige informatie
              en schrikbeelden in de media versterken de wij-zij verschillen. Er zijn veel mythes over stoornissen, al treft een
              psychische stoornis inmiddels bijna de helft van de Nederlanders (ooit in hun leven). Toch rust er nog een groot
              taboe op, met stigmatisering tot gevolg. Er wordt verschil gemaakt tussen ‘ons’ – normale mensen – en ‘hen’ als
              abnormaal of geestelijk ziek. Men gebruikt stereotypen om de verschillen te benadrukken.
 
              Aangezien Nederland qua ‘normaliteit’ enorm versplinterd is, is er sprake van een uiterst vage boodschap wanneer
              men het over ónze normen en waarden heeft - waaraan de nieuwkomers zich moeten aanpassen. Zo kunnen we
              bijvoorbeeld spreken over een normale VVD-norm, een aparte PVV-norm of een orthodoxe SGP-norm, als een
              manier van leven die niet per definitie goed, slecht of zaligmakend is. Maar het persoonlijke normenstelsel is niet 
              iets statisch - de geest is kneedbaar – dus in principe zijn mensen ermee gebaat als ze het oude loslaten en het 
              ‘hogere’ toelaten.
               
 
              Afbeelding invoegen De geest is kneedbaar en wat aangeleerd is kan men afleren.
                                        De vraag is echter: welk model kunnen wij aan de nieuwkomers bieden als een toekomstbestendige,  
                                        culturele welzijnsnorm, die mensen met elkaar verbindt en onderlinge verschillen vruchtbaar maakt?
 
 
               De nieuwe Norm                                                                                                                                       
  
               De nieuwe Norm - die ons naar een hoger niveau van beschaving kan brengen - dient de gelijke waarde van elk
               individu te (h)erkennen. Met als uitgangspunt dat elk mens in de kern een liefdevol wezen is, met een uniek
               karakter en talentenmix, die slechts in liefde optimaal kan gedijen. Het zijn de ongunstige (sociale en/of
               orthodoxe) invloeden die de volle ontplooiing van het individu blokkeren en het unieke en authentieke ‘in de
               plooi’ houden. De sociale verwachtingen zijn vaak het probleem. Ze maken dat men een feit als probleem ervaart.
 
               De nieuwe, gezonde(re) Norm is waarderen. De extra waarde(n) toevoegen aan wat er al is en een ieder tot
               zelfinzicht stimuleren  in plaats van te focussen op wat er ontbreekt (labelen). De mens benaderen als een eenheid
               van lichaam en geest om het zelfhelend vermogen te activeren. Opdat de lastige levenservaringen en ongewenst
              (destructief) gedrag diepgaand verwerkt en begrepen kunnen worden. Tenslotte, de menselijke waardigheid
               herdefiniëren – die meer is dan de cognitieve intelligentie - en de emotionele intelligentie ontwikkelen
               waardoor meer mededogen en verbondenheid ontstaat met de ‘verliezers’.
 
             
 
                                                                                             
                                                                                                    Liefde(vol) Zijn
 
                         Sympathie, empathie en compassie – het heeft alles te maken met liefde. Liefde(vol) voelen, genegenheid
                         ervaren en doorgeven, als dé levensenergie die doorstroomt en het leven voortbrengt. Ons vermogen om 
                         lief te hebben toont onze ware aard, onze natuurlijke staat van Zijn. We zijn ermee geboren maar onze 
                         liefdesbron is kwetsbaar en kan ‘verstopt’ raken. Want in de wereld waarin we leven is liefde niet iets dat
                         vanzelf ontstaat en altijd aanwezig is. Het leven geeft ons ook pijnlijke ervaringen. De kunst is dan om niet
                         verbitterd te raken noch te verharden maar telkens weer opnieuw te leren liefhebben.
                                                                                                                                                                                                        
                Lief zijn
                
                Lief zijn is voor velen doen zoals de ander wil. Je aanpassen om lief gevonden te worden. Wat we zelf willen    
                weten we niet meer. He begint al vroeg. Als kind doen we er alles aan om die liefde en aandacht te krijgen die we
                zo hard nodig hebben. Om in goed contact met de omgeving te blijven, trachten we geen ‘fouten’ te maken, veelal
                uit angst voor straf. Maar het kan ook zijn dat we dankbaar willen zijn, en om de ontvangen liefde terug te geven.
  
                Het innerlijk kind is van nature puur en zuiver. Het kind staat in verbinding met de eigen intuïtie en kent geen 
                schuldgevoel. Zolang het niet bestraft is of afwijzend gecorrigeerd met ‘nu ben je niet meer lief’ of ‘je moet je
                schamen’. Het kind leert dat liefde ‘verdiend’ moet worden en dat fouten maken een schande is. Onbewust 
                ontwikkelt het een ‘slimme’ manier van zijn maar verliest daarbij het contact met zichzelf, de eigen 
                gevoelsmatige basis. 
                                                                                                                                                                                                      Afbeelding invoegen
              
                De strijd tussen liefde en macht speelt zich in het verborgene af en is wijdverbreid. Een gruwel die in alle lagen
                van de bevolking voorkomt, in alle milieus, alle kerkelijke gezindten: het drama van slachtofferschap.
                Onderwerping, mishandeling. De drijfveer van de daders is zwakte vermomd als kracht. Een onvermogen om hun
                driften te beteugelen. Niet zelden woekert dit soort ‘onkruid’ onder het vernis van vroomheid. Men zwijgt er over.
                De kinderen die geen kind mogen zijn verbergen zich onder het masker van ‘lief’ gedrag, of ontsporen.
 
                Geven en ontvangen
 
                Wat we geven, krijgen we terug. Wat we zelf niet ontvangen hebben, kunnen we niet (voldoende) geven. Ouders
                die in hun jeugd weinig liefde en erkenning kregen, geven hun ‘blinde vlekken’ onbewust door aan de volgende
                generatie. De tekorten aan aandacht en waardering komen tot uiting in een ‘lastig’ gedrag (in relaties). Waar het
                proces van geven en ontvangen niet in balans is, kan de relatie niet groeien. Men voelt zich er niet vrij, niet veilig
                en dat is van grote invloed op zijn/haar welzijn. De symptomen zijn legio. Onbewust zoekt men naar vervulling of
                tracht de pijn (van gemis) te verdoven, in plaats van de pijnplekken op te sporen en deze te helen.
 
                Het komt vaak voor, bij mensen van alle leeftijden, dat de energiebalans verstoord raakt door een tegenslag of
                verlies. Men is dan (tijdelijk) niet in staat om liefdevol te handelen. Het is dan van levensbelang dat er
                empathische mensen zijn die oprecht aandacht en steun geven, om de liefdesbron van de ander levend te houden.
                Zodat die ander niet eenzaam, met een verwond hart rondloopt en de pijnlijke emoties onderdrukt. Want die
                verborgen lading kan verzuren tot een ‘giftige’ residu. Het vizier vertroebelt en men ziet de ander als ‘vijand’.
 
                Dagelijks zien en horen wij van situaties waarin de vijand uitgeschakeld of zelfs vernietigd moet worden. Hoewel
                dat in zo’n extreme vorm ‘ver van ons bed’ geschiedt, kunnen we niet ontkennen dat wij ook soms
                wraakgevoelens koesteren en ons vijandig opstellen. Met name ten opzichte van mensen die ons niet liggen. Wat
                we dan geven – minachting, wantrouwen, wrok – krijgen we terug en dat dragen we mee als emotionele last. Al
                gauw ontdekken we hoe moeilijk het is om blijvend (innerlijke) vrede te bewaren, liefde te geven en ontvangen.
 
                                                                                           
                 

 
                Liefde heeft grenzen                             Afbeelding invoegen

                Voor een gezond, evenwichtig leven is het belangrijk duidelijke grenzen te hebben. Een grens geeft aan wie wij
                zijn en voor welke zaken wij verantwoordelijk zijn. Vaak zijn mensen zo op liefhebben gericht dat ze hun eigen
                grenzen en beperkingen vergeten. Zij staan altijd klaar voor anderen, zijn liefdevol naar anderen toe maar minder
                naar zichzelf en vragen zich af: ‘zijn grenzen niet egoïstisch? ‘ of ‘waarom voel ik me schuldig als ik nee zeg? '    
                
                Geven aan anderen kan heel mooi zijn maar zorgt ook voor onbalans, op energetisch niveau. Het lichaam kan
                uitgeput raken en de wilskracht verzwakt. Altijd de belangen van anderen voorop stellen en je eigen behoeftes
                en verlangens vergeten, dat is liefde zonder wijsheid. Op collectief niveau uit zich dit dilemma - in meerdere
                landen - als argwaan tegen ‘buiten’ en angst voor vluchtelingen. Als de een voor open grenzen pleit en de ander
                hard om ‘grenzen dicht’ roept, kan het land uit balans raken. Een wijs, anticiperend beleid is dan broodnodig.
 
                Sympathie, empathie, compassie – de schakeringen van liefde, ze zijn niet grenzeloos en niet onuitputtelijk. Zelfs
                in extreme (oorlogs)situaties zouden we niet altijd ons leven voor een ander willen of durven wagen, daar is een
                heldenmoed voor nodig. Ons leven in vrijheid maakt onze gezindheid een stuk lethargischer. Soms komt het leed
                van anderen dichterbij, we worden opgeschrikt door een mediabericht, en dat activeert ons. Maar de veelheid aan
                conflicten (als dat in Syrië) kan ook tot een ‘medeleven-vermoeidheid’ leiden. Hoe meer ellende we zien, hoe
                minder we geraakt worden. Het heeft geen blijvende impact.

 
                                                                                                                                                        Afbeelding invoegen
                 Terug naar Normaal
 
                                                                                                                                                                   ‘You can not be happy al the time’

                 Psychisch leed hoort bij het leven. Maar het stigma op de lijdende medemens, ook als je je (tijdelijk) anders voelt
                 dan de rest, lijkt haast nog groter dan dat op de échte psychiatrische kwalen. De DSM - het internationaal gebruikt
                 handboek, dat met elke editie dikker wordt en inmiddels ruim driehonderd stoornissen definieert - bewijst de
                 westerse beheersingsdrang. Steeds meer mensen met gewone levensproblemen vragen om hulp en krijgen
                 medicatie, niet wetende dat het ook anders kan (met de lastige emoties om te gaan).
 
                 Allen Frances (1942)*- een prominent Amerikaanse psychiater, destijds lid van de DSM-3 en voorzitter van de
                 DSM-4 - is nu de bekendste en meest gezaghebbende criticus van DSM-5. In zijn boek Saving Normal schetst hij de
                 geschiedenis en ontsporing van de psychiatrie en de rol van de Big Pharma. Tevens stelt hij medicalisering van
                 menselijk gedrag aan de orde en doet voorstellen om deze verontrustende ontwikkeling om te buigen. 
                 Uitgangspunt: een gemiddeld leven zit vol tegenslagen en frustraties en de samenleving is sinds 1980  
                 ziekmakend(er) geworden. Veel mensen missen de levenskunst en vaardigheden om met lastige emoties om
                 te kunnen gaan. 
 
                 De 21ste eeuw vraagt om duurzaamheid en vooruitgang door geestelijk te ontwaken en Life Code te ontdekken.
                 Kinderen leefregels leren opdat zij zich in het leven kunnen handhaven. Samen zoeken naar acceptabele
                 uitingsvormen en passend gedrag (aanleren). Kortom: het gewenste in hen te bevrijden in plaats van het
                 ongewenste (gedrag) te bestrijden. Deze visie sluit goed aan bij het TPD-concept van prof. K. Dąbrowski - destijds
                 initiator van een nieuwe stroming in de geestelijke gezondheidszorg (in de Verenigde Staten en Polen) - de
                 psychische hygiëne. Met als centrale begrippen: zelfkennis, focus op talent- en karakterontwikkeling, pijnlijke
                 ervaringen als de drijvende kracht, dienstbaarheid in plaats van prestatiedrang.
 
                 Focus op talent                                                                                                                                                              Afbeelding invoegen
 
                 Goed onderwijs richt zich op talentontwikkeling en op persoonlijke vorming, terwijl het huidige NL-systeem zich
                 veelal richt op gemiddelden, reguliere lesprogramma’s en cijfers. De belangrijkste vraag op school is of een kind
                 goed mee komt in het reguliere systeem. Niet zelden krijgen kinderen, die cognitief minder sterk zijn, te horen ‘je
                 bent gewoon dom’ wat hun zelfbeeld aantast en eigenwaarde devalueert. Een vroege talentherkenning biedt de
                 mogelijkheid om leerlingen én scholen tot hun recht te laten komen. Maar beleid dat enkel op competitie,
                 prestatie en voortdurend toetsen gericht is, werkt tweedeling in de hand.
 
                 Iedereen heeft een kredietwaardig talent en kan zijn identiteit en waarde ontdekken. En een eigen vorm van
                 expressie vinden om daarmee zichzelf te vervullen en anderen te dienen. De Bijbelse gelijkenis van de talenten 
                 (vertelt van een landheer die zijn bedienden talenten gafdie ze met wijsheid moesten gebruiken) leert ons dat
                 talenten alleen van waarde zijn als je ze gebruikt. Toch leven veel mensen in de schaduw, niet vervuld door een
                 missie of passie, en veel kinderen kunnen in het huidige (school)systeem niet floreren. Daar veel aandacht gaat
                 naar hun tekortkomingen, worden zij niet uitgedaagd om hun kracht te ontdekken en hun potentieel te benutten.
                 Zij hebben behoefte aan focus (op talent) en ruimte om zich te kunnen ontwikkelen tot wie ze werkelijk zijn.
 
                 De tijdgeest vraagt om een holistische manier van kijken, buiten het geijkte stoornis-denken en problematiseren
                 van het ‘anders zijn’, zoals bij alle vormen van autisme het geval is. De talenten die bij autisme horen, krijgen te
                 weinig kansen om ontwikkeld te worden. Terwijl autisme een wonderlijke manier van Zijn is, waarbij de gave van
                 het verstand (vaak een zeer hoge IQ) wordt verbonden met een diep vermogen om intuïtief te voelen. Vaak
                 durven zij (die ASS-personen) hun belevingswereld niet te delen, omdat zij weten dat de omgeving hen als
                 wereldvreemd en sociaal onhandig beziet, en hun kundigheid amper waardeert.
 
                 Onderwijs van de toekomst: zoeken naar verbeeldingsvormen waar verhalen en beelden in elkaar overvloeien,
                 en waar kinderen buiten alle denkkaders ‘ver’ kunnen denken - en dromen - opdat zij hun eigen weg in een
                 uniforme maatschappij mogen vinden.
 

                                                                                                  Afbeelding invoegen